Nijl- en tempeltrip 3,
zuidwestelijke woestijn en aankomst op de boot

Inmiddels gearriveerd op de Prince Abbas, en inderdaad, voor ons twee suites, eentje voor de kinders en eentje voor mij alleen. Zoonlief heeft nog steeds last van zijn gebit, volgens hem zelfs meer dan vóór hij naar de tandarts ging....
Hij kan geen koud water drinken, wat natuurlijk niet echt handig en prettig is. Eten moet hij met zijn voortanden en ook koud eten is reden voor pijn. Hopelijk wordt het minder, maar ja, echt verhelpen kunnen we het ook niet, de pijnstillers schijnen niet hun werk te doen.

 
Eindeloze leegte
met her en der een pukkel

De reis met het convooi was niet in een busje/minivan maar in een redelijk ruime personenauto. We werden om 3 uur opgehaald, althans we moesten wel met het bootje van het hotel zonder begeleiding naar de overkant, onze tourgids stond daar, de koffers werden voor ons van het hotel in het bootje gebracht en op de wal weer in de auto gepropt. Vervolgens reden we naar de verzamelplaats voor het convooi. Daar werd de auto onderzocht, kofferbak open en met een ronde spiegel werd de onderkant geïnspecteerd. Onderweg nog even sigaretten voor mijn zoon gekocht, zij hadden nog maar 2 pakjes en dat is wat weinig voor 4 dagen op een boot. In mijn beste arabisch heb ik de prijs gehalveerd, uiteindelijk dus 50 pond betaald voor een slof LM. Ze vonden het wel grappig in het winkeltje, evenals gisteren toen ik onderweg water ging kopen, toen had de taxichauffeur ook de grootste lol, hoorde ik later van mijn zoon. Het is en blijft vervelend dat je altijd toch min of meer moet vechten om niet belazerd te worden. Ergens kan ik het ook wel begrijpen dat ze het doen, maar het is dan wel weer prettig dat ik genoeg Arabisch spreek om ze duidelijk te maken dat ik geen stomme toerist ben. En dan neem ik me weer voor om de cursus Arabisch nu echt eens te gaan doen.....
Onderweg zag ik nog iets lolligs, een verkeersbord met 'Abo Simbol', ach ja, de meeste mensen snappen het dan toch wel, nietwaar?

 
De weg slingert zich door de woestijn
met vele tinten zand en heuvels

Het was weer een fantastische ervaring, de woestijn bij nacht, de eerste glimp van het ochtendgloren die de rimpelingen van het zand onthulden, als de golven op een kalm meer. De kleuren van de hemel die verlopen van donkerblauw tot licht, van geel naar oranje en roze, de bergen met hun diverse tinten geel tot bijna wit en dan de zwarte lagen, als donkere poedersuiker op een taart. Dan weer die oneindige vlakte, zover het oog reikt, met hier en daar een heuvel of berg, als pukkels in het gezicht van een jongeling.
Ik begrijp dat je dit in convooi moet doen, het is een compleet verlaten gebied, met ergens een keer een gehucht, aangelegd bij een 'cement'fabriek. Of ze nou cement maken in zo'n afgelegen oord betwijfel ik ergens, volgens mij is het een bedrijf wat de bergen afgraaft voor grondstoffen. We kwamen over de brug waar het grote irrigatieproject gestalte krijgt. Van onze gids op de boot hoorden we later dat de hoofdader inmiddels klaar is en ze nu begonnen zijn met de zij-armen. Om de door het meer verdreven Nubiers te compenseren en de woestijn tot leven te brengen als nieuwe graanschuur zijn er dorpen aangelegd waar landbouwgebieden terug moeten komen om zo de snelgroeiende bevolking van Egypte van eten te voorzien. Ik was blij om te horen dat ze de mensen daar gedroogde Nijlklei geven of laten kopen om zo het woestijnzand vruchtbaar te maken. Ik heb zelf ondervonden dat je Nijlklei nodig hebt, alsmede compost en mest, denkelijk zullen ze dat daar ook gebruiken en hopelijk geen kunstmest, zoals ze nu doen boven de dam met alle negatieve gevolgen van dien, want de landbouwers worden niet geschoold in het juiste gebruik van chemische middelen wat inmiddels al duidelijk te merken is aan de enorme stijging van kanker en andere kwalen die nooit voorkwamen onder de boeren/landbouwers.

Een eindje na dit irrigatiekanaal reden we over een brug van een breed kanaal wat drooglag, gemetselde wanden aan de zijkant en stenen als bodem. We hoorden later dat dit het overloopkanaal is waar men als de Nijl (en dus het meer) weer gaat stijgen als gevolg van de regens in Oeganda en Ethiopië verlagen zij het niveau van het meer door in dit kanaal water te lozen wat dan weer in bronnen in de woestijn terechtkomt waar de Bedoeïnen gebruik van maken. Er schijnen mensen van de Egyptische regering gestationeerd te zijn in Oeganda en Ethiopië die de regenval en stijging van de oorsprong(en) van de Nijl meten zodat ze twee weken van tevoren weten wat er aan water het meer in gaat stromen. Ook kan met het water in een overloop bij Aswan rond laten stromen, maar dat is meer voor noodgevallen. Ook in Khartoem (Soedan) schijnt nog een meetmeneer te zijn die de stijging daar doorgeeft. Al met al interessante verhalen en wetenswaardigheden.

Als bronrivier van de Nijl geldt de Witte Nijl. Deze ontstaat als Kagera ten oosten van het Kivumeer in Rwanda, stroomt door Tanzania, betreedt daar het Victoriameer, de rivier verlaat dat stuk dan als Kivira in Oeganda, stroomt door het Kyogameer, en valt dan samen met de noordelijke uitloper van het Mobutumeer en stroomt verder noordwaarts in Oost-Soedan, waar de rivier naar de plaats Malakal Bahr al-Djabal wordt vernoemd. De belangrijkste zijrivieren zijn de Bahr al-Ghazal en de as-Sobat. Bij Khartoem komt de Witte Nijl samen met de Blauwe Nijl (1350 km lang); De Blauwe Nijl ontspringt als Abbai of Abay in Ethiopië, daarna stroomt het door het Tanameer en heet daarna pas Blauwe Nijl. Van Khartoem af wordt de rivier Nijl genoemd en neemt de rivier nog slechts één zijrivier op, de Nahr Atbara of Atbara; ook komen er enige droge rivierbeddingen in de woestijn op uit. De rivier stroomt van Khartoem af sterk slingerend noordwaarts en mondt met twee zich ten noorden van Caïro vormende armen uit in de Middellandse Zee, bij Damietta en Rosetta. De afstand tussen beide mondingen bedraagt 240 km; De vroegere rivierarmen zijn allemaal dicht geslibd. Van Khartoem tot Wadi Halfa zijn in de Nijl bij een hoogte van 250 m zes stroomversnellingen. Tussen Aswan en Caïro is de hoogte 90 m, vandaar tot de monding 10 m. De grootste diepte van de rivier bedraagt in de droge tijd 5 m. Bij Caïro is de rivier in de zomer 10 tot 12 m diep. Boven de monding van de Atbara, in de stad Soedan, is de rivier 320 m breed, bij de stroomversnellingen 80 tot 150 m, bij Isna (ten zuidwesten van Luxor) 2200 m. Van Soedan tot Caïro verbreedt het rivierdal zich van 0,6 tot 50 km. Op de Egyptisch-Soedanese grens wordt de Nijl onderbroken door het Nassermeer, een gemiddeld 10 km breed en ca. 500 km lang stuwmeer veroorzaakt door de Aswandam.

Fascinerend vind ik de verschillen in woestijn. Van poederzand (zoals in de film van 'Lawrence of Arabïa) tot de steenachtige woestijn tussen Luxor en Hurghada, ook de kleuren lijken verschillend, met onderling ook weer allerlei kleurverschillen, veranderend met de stand van de zon. Dan daar tussen de groene drukte van het Nijldal. Aan de nieuwe (60 meter hogere) oever begint zich ook vegetatie te vormen, alsook zomaar soms je in de woestijn een verdwaalde boom of lage struiken kunt vinden. Komend van een groen nattig land wat iets van 50 jaar mijn woonland was begin ik meer en meer de schoonheid van de woestijn op prijs te stellen en vooral de wijdsheid. Eindeloos niets........althans voor het oog, want wat er allemaal onder dat zand verborgen ligt, steeds weer worden er wonderbaarlijke schatten gevonden.
Na driekwart van de trip begon de chauffeur echt te racen. Irritant was dat de auto een begrenzer had die dus ongeveer de hele trip aan het pingelen was, toen de auto een beetje het gevoel begon te geven van een zweefmolen, hij reed 160 of zo, heb ik hem vriendelijk verzocht gas terug te nemen, ik was niet van plan in de woestijn om te komen, heb ik hem verteld.

Gelukkig konden we, aangekomen op de boot, vrijwel direct onze kamers in, het is handig her en der je habibies te hebben, dat heb ik de hele reis wel ondervonden.
Normaal gezien mag je pas om 1 uur inchecken en dat zag ik niet echt zitten. Rondhangen na een paar uur slaap (ik kan niet slapen in auto's en zeker niet als ik in een convooi zit) in de lobby tot je dan na 6 uur of zo op je kamer mag was iets wat ik niet had voorzien in de planning van de reis. Maar dat kwam allemaal goed en we hebben alledrie een paar uurtjes slaap in kunnen halen tot de lunch, wat geen overbodige luxe was, we waren alledrie inmiddels goed gaar.

 
Het lower sundeck
En Abu Simbel, rechtvoor de tempel van Nefertari

Zojuist hebben we onze lunch gehad, vooraf samen met de kinders een rondleiding op de boot gemaakt, Nasr, de manager van de boot begroet en gesproken.
Het was prettig dat de obers, de receptiemeneer, de hoofdober en de chefkok, kortom heeeeel veel mensen mij ook herkenden. Ze hadden ons aan een tafel gepland met twee vreemden, ik heb gevraagd of die wellicht ergens anders een tafel konden krijgen. Dat kon en de hele reis hebben we lekker privé kunnen tafelen, zonder altijd weer die vragen als ze horen dat ik in Egypte woon hoe dat is en bla bla bla. Geen zin in.

 
Lake Nasser vanaf aanlegplaats bij Abu Simbel
Vanaf de boot de achterkant van Abu Simbel

De kinders gaan zo meteen in en aan het zwembad liggen op het bovendek, wellicht volg ik hen. Vanmiddag om half 4 hebben we het bezoek aan de tempels van Abu Simbel (Ramses II en Nefertari) en vanavond de sound & lightshow, daarna diner en eindelijk hoop ik dan dat we allemaal een lekkere lange nacht kunnen slapen.

Abu Simbel, 4 september 2009